Brugpensioen - Algemeen ..

De algemeen geldende regelgeving voor brugpensioen zijn ook binnen de sector van toepassing. In drie gevallen kan het sociaal fonds de kost van de bijkomende vergoeding op zich nemen: 

  • conventioneel brugpensioen op 58 jaar of 60 jaar
  • brugpensioen na lange loopbaan op 56 jaar
  • brugpensioen op 56 jaar mits 20 jaar nachtarbeid.

De volgende voorwaarden (leeftijd en beroepsverleden) zijn hierbij van toepassing:

Conventioneel brugpensioen op 60 jaar (CAO van 17 februari 2011) 

Voorwaarden van toepassing tot 31/12/2011 

  • de leeftijd van 60 jaar bereikt hebben
  • vrouwen moeten een beroepsverleden van 26 jaar kunnen aantonen
  • mannen moeten een beroepsverleden van 30 jaar kunnen aantonen

Voorwaarden van toepassing van 01/01/2012 tot 31/12/2013 

  • de leeftijd van 60 jaar bereikt hebben
  • vrouwen moeten een beroepsverleden van 28 jaar kunnen aantonen
  • mannen moeten een beroepsverleden van 35 jaar kunnen aantonen

Conventioneel brugpensioen op 58 jaar (CAO van 17 februari 2011)

Voorwaarden van toepassing tot 31/12/2011

  • de leeftijd van 58 jaar bereikt hebben
  • vrouwen moeten een beroepsverleden van 33 jaar kunnen aantonen
  • mannen moeten een beroepsverleden van 37 jaar kunnen aantonen

Voorwaarden van toepassing van 01/01/2012 tot 31/12/2013

  • de leeftijd van 58 jaar bereikt hebben
  • vrouwen moeten een beroepsverleden van 35 jaar kunnen aantonen
  • mannen moeten een beroepsverleden van 38 jaar kunnen aantonen 

Brugpensioen op 56 jaar mits lange loopbaan (CAO van 11 juni 2010)

toegankelijk voor wie 56 jaar is, 40 jaar beroepsverleden als loontrekkende kan aantonen, en daarbij kan aantonen dat minstens 78 dagen daarvan gepresteerd werden voor zijn/haar 17de verjaardag. Geldig tot 31/12/2011. Geen sectorale anciënniteit vereist.

Let op: de tussenkomst van het fonds beperkt zich tot de terugbetaling van het wettelijk voorziene deel van de aanvullende vergoeding, bedragen boven dit wettelijk plafond blijven ten laste van de werkgever.

Het sociaal fonds is geen derde betaler, en de werkgever of zijn sociaal secretariaat of de erkende vakbond regelt zelf de afhandeling van het brugpensioen samen met de ontslagen werknemer (formulieren C17 kunnen dus niet door het fonds afgeleverd worden). De werkgever zorgt zelf daarna voor de loonsadministratie, de aangiftes en de betaling van de aanvullende vergoedingen en bijdragen voor RSZ in het kader van brugpensioen. 

De tussenkomst van het sociaal fonds is enkel mogelijk mits goedkeuring vooraf van het dossier. Deze goedkeuring moet gebeuren vóór het brugpensioen ingaat, en aanvragen moeten worden ingediend bij het secretariaat van het sociaal fonds. De vroegere beperking van één dossier per werkgever werd op 11 juni 2010 afgeschaft.  

VERDERE INLICHTINGEN

  • Let op: de CAO’s brugpensioen zijn niet van toepassing op dienstboden.
  • De teksten van de CAO brugpensioen kunnen gevonden worden in de sectie CAO’s van deze website