Overzicht van de sectorale akkoorden
Beroepsindeling
Om het barema te bepalen wordt met volgende indeling rekening gehouden:
-
groep 1: bedienden à 4 categorieën
-
groep 2: arbeiders à 3 categorieën
-
groep 3: huisbewaarders met een arbeidsovereenkomst voor bedienden à 4 categorieën
-
groep 3: huisbewaarders met een arbeidsovereenkomst voor werklieden à 3 categorieën
-
groep 4: dienstboden à 3 categorieën
De groep en de categorie worden bepaald op basis van de effectief uitgeoefende functie.
De belangrijkste variabelen in deze beroepsindeling zijn de complexiteit van het werk en de fysieke belasting ervan.
De kennis van een extra taal kan aanleiding geven tot een verandering van categorie.
Het scholingsniveau kan alleen bij aanvang van de loopbaan in acht genomen worden.
Lonen en wedden
De barema’s binnen PC 323 werden op 1 januari 2010 aangepast, overeenkomstig de bepalingen van de Europese richtlijn 2007/78/EG. Die verbiedt discriminatie, ook op basis van leeftijd. De lonen worden daarom niet langer uitgedrukt in functie van de leeftijd van de werknemers, maar in functie van hun ervaring. Belangrijk om weten, is dat de overstap naar dit nieuwe systeem geen aanleiding mag naar een verlaging van het barema voor wie al in dienst was.
Een samenvatting van de specificaties per werknemerscategorie vindt u hieronder.
Een overzichtstabel met alle barema’s kunt u hier downloaden.
Carenzdag
Vanaf 1 april 2009 hebben de werknemers recht op de betaling van carenzdagen op basis van de volgende modaliteiten:
-
vanaf 5 jaar anciënniteit en meer betaalt de werkgever 1 carenzdag per kalenderjaar;
-
vanaf 10 jaar anciënniteit wordt de carenzdag afgeschaft
Klein verlet
Vakantie met behoud van loon voor bepaalde gebeurtenissen in familiale kring. (niet uitputtende lijst)
Opgelet: voor al deze vakantiedagen moeten termijnen gerespecteerd worden!
-
1 dag vrij voor:
- huwelijk van een kind *
- overlijden van een broer of zuster
- plechtige communie (of feest van de vrijzinnige jeugd) van een kind *
- een familieraad bijeengeroepen door de vrederechter. - 2 dagen vrij voor:
- overlijden van een broer of zuster die onder het zelfde dak woont - 3 dagen vrij voor:
- huwelijk
- overlijden van echtgeno(o)t(e) ** - 3 dagen + 7 dagen vrij voor:
- geboorte of adoptie ***
De volledige lijst en de te respecteren termijnen vindt u in de CAO “klein verlet”.
* Aangenomen of erkende kinderen worden gelijkgesteld
** Wettelijk samenwonenden worden gelijkgesteld
***3 dagen ten laste van de werkgever, 7 dagen ten laste van het ziekenfonds
Indexering
Indexering éénmaal per jaar op 1 januari. De coëfficiënt om de verhoging toe te passen wordt berekend aan de hand van de hiernavolgende breuk. Op 1 januari 2009 was die coëfficient 1,0451, dus een indexering van 4,51 %. Als die coëfficient lager dan 1 zou zijn (negatieve indexering), dan wordt die niet toegepast, maar wordt die negative indexering het jaar daarop verrekend. (CAO 8 oktober 2009)
gemiddelde van de afgevlakte indexen van november en december J-1
gemiddelde van de afgevlakte indexen van november en december J-2
De indexen worden gepubliceerd door de FOD Economie, KMO, Middenstand en Energie.
Bijdrage in de vervoerskosten
voor openbaar vervoer
- sinds 01/01/2007: 80 % ten laste van de werkgever
- sinds 01/01/2008: 90 % ten laste van de werkgever
- van 01/01/2009 af : 100% ten laste van de werkgever
voor eigen vervoer
- enkel van toepassing voor bruto inkomens van ≤ 20.000 € / jaar
-
enkel van toepassing afstanden ≥ 3 km
-
ten laste van de werkgever: 50 % van het tarief van het openbaar vervoer voor een zelfde afstand
Arbeidsduur
arbeiders en bedienden
-
principe: 38 uren / week (wet van 16 maart 1971)
-
flexibele uurroosters:
- 38 uur/week niet overschrijden op jaarbasis
- maximum + 1 uur / dag
- maximum + 5 uur / week -
nieuwe arbeidsregimes: (wet van 17 maart 1987 + CAO n° 45 van de NAR)
- deze principes zijn enkel van toepassing op AO van onbepaalde duur
- maximum 12 uur / dag
- gemiddelde van 38 uur / week
- over recuperatie wordt in onderling overleg beslist - nieuwe arbeidsregimes: verhoogde flexibiliteit voor:
- badplaatsen, luchtkuuroorden en toeristische centra
- 10 uur / dag (4 dagen / week)
- 12 uur / dag (3 dagen / week)
- zondag- en feestdagenarbeid (compensatie binnen de 6 dagen)
huisbewaarders
- principe: 38 uur / week
- hetzij 38 uur effectieve arbeid / week
- hetzij 39 uur / week met 6 compensatiedagen per jaar
- hetzij 40 uur / week met 12 compensatiedagen per jaar
- dagprestaties moeten vermeld zijn in de AO - verplichte aanwezigheid (permanentie)
- ≤ 20 % van de arbeidstijd en te vermelden in de AO
- indien het contract < 30 uur effectieve arbeid voorziet, dan zijn
permanenties betaald à 33 %
- indien het contract ≥ 30 uur effectieve arbeid voorziet, gecumuleerde
inkomsten (arbeid + permanenties) ≥ GGMMI
- de gecumuleerde prestaties (arbeid + permanentie) ≤ gekozen regime
Outplacement
1. Verplicht outplacement voor werknemers ouder dan 45 jaar (CAO 82bis van de NAR).
De werkgever die een werknemer van 45 jaar ontslaat is er volgens CAO 82bis van de NAR toe gehouden de ontslagen werknemer een outplacementbegeleiding aan te bieden die voldoet aan de voorwaarden opgesomd in die CAO. Er wordt hierbij uitzondering gemaakt voor werknemers die:
- de brugpensioenleeftijd bereikt zullen hebben op het einde van de vooropzeg
- de pensioenleeftijd bereikt zullen hebben op het einde van de vooropzeg
- minder dan 14 uur per week werken
- ontslagen worden om dringende reden
- minder dan één jaar anciënniteit in het bedrijf hebben
Binnen het toepassingsgebied van CAO 82bis neemt het sociaal fonds zowel de financiering als de organisatie van outplacement op zich.
2. Outplacement in het kader van het relanceplan "herstel het vetrouwen" van de Vlaamse Regering
Voor slachtoffers van de huidige economische crisis, die buiten het toepassingsgebied van CAO 82bis vallen en woonachtig zijn in Vlaanderen, kan het fonds een outplacementbegeleiding aanbieden met de steun van de Vlaamse overheid.
Stuur in beide gevallen uw vragen en aanvragen naar outplacement[at]sf323.be .
2de Pensioenpijler
In toepassing van het interprofessioneel akkoord 2009 -2010 zullen vanaf 1 juli 2009 alle werkgevers per voltijdse werknemer (pro rata voor deeltijdse) en per maand € 20 storten in een reservefonds, dat aangelegd wordt voor het financieren van een pensioenfonds voor de werknemers uit de sector. Het pensioenfonds zelf zal op 1 april 2010 operationeel worden, en de precieze modaliteiten van de bijkomende pensioenen zullen tegen dan bepaald worden. De teksten van de overeenkomsten kunnen nagelezen worden op de pagina CAO's.
Brugpensioen
De bruggepensioneerde werknemer is werkloos, en geniet werkloosheidsuitkeringen. Daarom is het statuut van bruggepensioneerde enkel mogelijk indien de werknemer ontslagen wordt door de werkgever, en niet wanneer de werknemer zelf ontslag neemt. Voor de algemene regelgeving rond brugpensioenen verwijzen we dan ook naar de RVA, naar een erkende vakbond (ACV, ABVV of ACLVB), naar HVW voor wie niet bij een vakbond aangesloten is, of naar het sociaal secretariaat voor werkgevers. Alle formaliteiten rond brugpensioen moeten met die instellingen besproken en afgehandeld worden, en niet met het sociaal fonds.
Om brugpensioen te kunnen genieten moet er een CAO bestaan die het brugpensioen regelt, en binnen PC 323 is dat mogelijk onder volgende voorwaarden:
- conventioneel brugpensioen op 58 jaar (CAO’s van 24 september 2007 en van 16 april 2008).
In het kader van het “Generatiepact” (KB 3 mei 2007) kan een werknemer die niet om dringende reden ontslagen is, met brugpensioen gaan indien hij 58 jaar is (die leeftijd moet bereikt zijn op het moment dat het brugpensioen ingaat) en volgende loopbaan als loontrekkende kan aantonen (geldig tot 31 december 2010).
- vrouwen: 33 jaar
- mannen: 37 jaar
Dienstboden vallen buiten het toepassingsgebied van deze CAO.
- brugpensioen op 56 jaar mits nachtarbeid (CAO van 2 april 2009).
Toegankelijk voor wie 56 jaar is, 33 jaar beroepsverleden als loontrekkende kan aantonen, en daarbij kan aantonen dat hij/zij gedurende 20 jaar nachtprestaties geleverd heeft. (nacht= tussen 20 uur en 6 uur).
Dienstboden vallen buiten het toepassingsgebied van deze CAO.
-
brugpensioen op 56 jaar mits lange loopbaan (CAO van 11 juni 2010)
Toegankelijk voor wie 56 jaar is, 40 jaar beroepsverleden als loontrekkende kan aantonen, en vóór de leeftijd van 17 jaar minstens 78 dagen arbeidsprestaties geleverd heeft.
Dienstboden vallen buiten het toepassingsgebied van deze CAO.
Voor tussenkomst van het fonds in de aanvullende vergoeding, consulteer de pagina brugpensioen.