Eindejaarspremies - Algemeen

In tegenstelling tot wat algemeen gedacht wordt, bestaan er geen wettelijke bepalingen die een recht op eindejaarspremie vastleggen. Dit recht vindt zijn oorsprong in een collectieve arbeidsovereenkomst op sector- of ondernemingsvlak, het arbeidsreglement, een schriftelijke individuele overeenkomst tussen werknemer en werkgever of een binnen de onderneming ontstaan gebruik. Op 3 juni 2004 werd in PC 323 een CAO ondertekend waardoor geleidelijk aan de eindejaarspremie werd ingevoerd. Zo hebben sinds december 2007 alle werknemers (met uitzondering van de dienstboden) die een volledig dienstjaar gepresteerd hebben, recht hebben op een eindejaarspremie die één maandloon bedraagt. De bedragen en de toekenningsvoorwaarden werden in die zelfde CAO bepaald. 

ARBEIDERS

Voor ARBEIDERS wordt uitgegaan van het sociaal dienstjaar. Dit is de periode gaande van 1 juli het jaar voordien tot 30 juni van het jaar waarin de premie betaald zal worden. De premie die in december betaald wordt, heeft met andere woorden betrekking op de laatste zes maand van het jaar voordien en op de eerste zes maand van het lopende jaar. De periode waarop de premie betrekking heeft wordt de referentieperiode genoemd. Arbeiders krijgen hun premie betaald door het Sociaal Fonds voor de Vastgoedsector.

Toekenningsvoorwaarden:

  • een arbeidsovereenkomst met een werkgever van PC 323 hebben
  • op het einde van de referentieperiode minimum 60 werkdagen anciënniteit in het bedrijf hebben
  • niet ontslagen zijn om dringende reden of zelf geen ontslag ingediend hebben voor een anciënniteit in de sector van vijf jaar bereikt werd

Bedragen:

  • de brutopremie bedraagt 8,33 % van het totale loon verdiend tijdens de referentieperiode. Indien er meerder werkgevers tegelijk zijn, dan worden de lonen opgeteld.
  • vervangingsinkomens worden niet opgenomen in de berekening
  • het brutobedrag wordt verminderd met de werknemersbijdrage voor de RSZ en met de bedrijfsvoorheffing

Betaling:

Het nettobedrag van de premies van de arbeiders wordt eind december door het Sociaal Fonds voor de Vastgoedsector betaald op de rekening waarvan de werknemer het nummer zal opgegeven hebben.

BEDIENDEN

Voor BEDIENDEN wordt voor de berekening eveneens uitgegaan van het sociaal dienstjaar (juli – juni), behalve voor contracten die dateren van voor 1 januari 2009. In dat geval kan er op bedrijfsniveau voor gekozen worden een andere referentieperiode toe te passen. Voor wie in dienst was voor 1 januari 2009 kan die dus samenvallen met het lopende kalenderjaar. Wie na 1 januari 2009 in dienst kwam, krijgt een premie die betrekking heeft op de laatste zes maand van het jaar voordien en op de eerste zes maand van het lopende jaar.
De eindejaarspremies van bedienden worden door de werkgever zelf betaald.

Toekenningsvoorwaarden:

  • een arbeidsovereenkomst met een werkgever van PC 323 hebben
  • op het einde van de referentieperiode minimum 60 werkdagen anciënniteit in het bedrijf hebben
  • niet ontslagen zijn om dringende reden of zelf geen ontslag ingediend hebben voor een anciënniteit in de sector van vijf jaar bereikt werd.

Bedragen:

  • de premie komt overeen met een maanloon
  • voor werknemers die geheel of gedeeltelijk op basis van commissies worden vergoed kan de premie begrensd worden tot het hoogste barema van 3de categorie, tenzij de vaste wedde hoger is dan dat barema. In dat geval wordt de premie beperkt tot het bedrag van de vaste wedde. 
  • op het brutobedrag gebeuren de gewoonlijke inhoudingen (werknemersbijdrage voor de RSZ en met de bedrijfsvoorheffing)
  • voor wie geen volledig jaar gepresteerd heeft, kan de premie pro rata de gepresteerde tijd berekend worden
  • worden gelijkgesteld met aanwezigheden voor de berekening van de pro rata: 60 dagen ziekte of ongeval van gemeen recht, bevallingsrust, klein verlet, jaarlijkse vakantie, wettelijke feestdagen, kort verzuim, beroepsziekte en arbeidsongeval.

Betaling:

  • De premies worden door de werkgever betaald, samen met het loon van december, tenzij anders overeengekomen.

CONCIËRGES

Voor CONCIËRGES die werken met een arbeidersstatuut zijn de bepalingen voor de arbeiders van toepassing. Werken zij als bediende, dan zijn de bepalingen voor bedienden van toepassing, met dit verschil dat het basisbedrag 8,33 % van het loon tijdens de referteperiode bedraagt.

DIENSTBODEN

De bepalingen van de CAO eindejaarspremie zijn niet van toepassing voor DIENSTBODEN.

VERDERE INLICHTINGEN

  • Hoe de betalingen van de eindejaarspremies door het fonds in hun werk gaan leest u op de pagina Eindejaarspremies - Praktisch
  • De teksten van de CAO’s eindejaarspremie kunnen gevonden worden in de sectie CAO’s van deze website.